/
AI Flashcards
Save to my account
Sign up
AI Flashcards
Recht en Moraal
Study
1
Question
Wat is een voorbeeld van overeenstemming tussen recht en moraal?
Page 3
Answer
Eenieder is aansprakelijk voor de schade die hij door zijn fout aan een ander veroorzaakt (art. 6.5 BW).
2
Question
Wat zegt artikel 6.5 van het Burgerlijk Wetboek (BW)?
Page 3
Answer
"Eenieder is aansprakelijk voor de schade die hij door zijn fout aan een ander veroorzaakt."
3
Question
Wat zijn kenmerken van objectief recht?
Page 3
Answer
Abstract, algemeen en zonder concrete toepassing.
4
Question
Wat zijn kenmerken van subjectief recht?
Page 3
Answer
Concreet en gericht op het individu.
5
Question
Geef een voorbeeld van subjectief recht.
Page 3
Answer
Een persoon die een fout maakt en recht heeft op schadevergoeding bij 'pootje lap leggend'.
6
Question
Wat is positief recht?
Page 3
Answer
Recht dat op een bepaald tijdstip geldig is.
7
Question
Wat is natuurrecht volgens de tekst?
Page 3
Answer
Universeel recht van de mens, geïnspireerd door de natuur als mens en rechtscultuur.
8
Question
Wat is gemeen recht?
Page 3
Answer
Recht van toepassing in alle omstandigheden, zoals burgerlijk recht.
9
Question
Wat is uitzonderingsrecht?
Page 3
Answer
Recht dat slechts geldt in bepaalde gevallen of voor bepaalde personen.
10
Question
Geef een voorbeeld van uitzonderingsrecht.
Page 3
Answer
Ondernemingsrecht of NMBS als naamloze vennootschap van publiekrecht minus 30.
11
Question
Waarom botsen morele regels soms niet met recht?
Page 3
Answer
Omdat morele regels niet altijd door het recht worden bestraft.
12
Question
Wanneer is er meer probleematiek tussen moraal en recht?
Page 3
Answer
Wanneer recht iets toelaat dat sommigen immoreel vinden, zoals euthanasie of homohuwelijk.
13
Question
Geef een voorbeeld waar recht verplicht tot immoreel handelen.
Page 3
Answer
Wegendienst of belastingen gebruikt voor wapenaankoop.
14
Question
Wat is de kern van moraal en rechtszekerheid?
Page 3
Answer
Niet-retroactiviteit van strafwet: geen straf voor feiten gepleegd voor inwerkingtreding.
15
Question
Wat is het noodzaakelijkheidsbeginsel?
Page 7
Answer
Goed argumenteren waarom de wet moet ontstaan en of het doel het best zo bereikt wordt.
16
Question
Wat vraagt het noodzaakelijkheidsbeginsel over bereikbaarheid?
Page 7
Answer
Hoe kan het doel het beste bereikt worden?
17
Question
Wat is degelijkivering in het noodzaakelijkheidsbeginsel?
Page 7
Answer
Is er een nieuwere regel voor een bestaande situatie?
18
Question
Hoe past subsidiariteitsbeginsel toe in noodzaakelijkheidsbeginsel?
Page 7
Answer
Bij toepassing van subsidiariteitsbeginsel voor lagere niveaus.
19
Question
Wat is de noodzaakelijkheidstest?
Page 7
Answer
Controleren of lagere niveaus niet adequaat kunnen optreden.
20
Question
Wat is de meerwaardigheidstest?
Page 7
Answer
Test of de nieuwe regel meerwaarde biedt.
21
Question
Wat is het uitvoeringsbeginsel?
Page 7
Answer
Heeft de regel draagvlak en is praktisch uitvoerbaar?
22
Question
Waarom draagvlak in uitvoeringsbeginsel?
Page 7
Answer
Om te beoordelen hoe de regel in praktijk uitgevoerd kan worden.
23
Question
Wat vraagt uitvoeringsbeginsel bij administratieve last?
Page 7
Answer
Hoe in de praktijk uitvoeren?
24
Question
Wat is het rechtszekerheidsbeginsel?
Page 7
Answer
Zekerheid en continuïteit, vermijden van retroactieve regelgeving.
25
Question
Wat is het vertrouwensbeginsel?
Page 7
Answer
Eerst continuïteit willen in lange termijn, niet abrupt veranderen.
26
Question
Wat is het probleem met retroactieve regelgeving?
Page 7
Answer
Het schendt continuïteit en vertrouwen.
27
Question
Welk artikel Gw behandelt gelijkheidsbeginsel?
Page 7
Answer
Artikel 10 Gw.
28
Question
Welk artikel Gw verbiedt discriminatie?
Page 7
Answer
Artikel 11 Gw.
29
Question
Wat is kern van rechtsgelijkheidsbeginsel?
Page 7
Answer
Gelijke gevallen gelijk behandelen, ongelijke verschillend.
30
Question
Wat zijn (on)verantwoorde onderscheiden in gelijkheid?
Page 7
Answer
Onderscheid in gevallen dat toch te verantwoorden is.